Op de werf van Heijmans in Rosmalen draait het om meer dan het reviseren en repareren van groot materieel. Tussen het sleutelen, het oplossen van storingen en onverwachte reparaties gebeurt nog iets belangrijks: ervaren vakmensen geven hun kennis door aan een nieuwe generatie.
Noud van Cleef weet daar alles van. Hij werkt al 28 jaar bij Heijmans en is gecertificeerd leermeester. Hij begeleidt studenten en nieuwe collega’s in de praktijk. Voor hem hoort dat bij het vak. “Begeleiden betekent voor mij kennis overdragen aan een andere generatie.”
Noud begon zijn loopbaan in een mengvoederbedrijf. Later maakte hij de overstap naar de wegenbouw en kwam hij na een fusie bij Heijmans terecht. Terwijl hij fulltime werkte en thuis een jong gezin had, volgde hij zelf een opleiding in Harderwijk: vijf dagen werken en om de zaterdag naar school.
Daarna volgden nog verschillende interne opleidingen en cursussen. En ook na al die jaren is hij niet uitgeleerd. Nieuwe technieken, de elektrificatie van machines en veranderende veiligheidseisen zorgen ervoor dat het vak continu in beweging blijft.
“Leren is niet gekoppeld aan leeftijd. Ook ik leer nog dagelijks door samen met collega’s dingen in de praktijk te doen.”
Voor Noud is dat precies waar een leven lang ontwikkelen over gaat. Ervaring hebben betekent niet dat je klaar bent met leren. Juist door nieuwsgierig te blijven, blijf je groeien in je vak.
Als leermeester begeleidt Noud studenten, maar ook nieuwe collega’s die soms uit een heel andere sector komen. Dat maakt iedere begeleiding anders.
Samen kijken ze eerst naar de klus: wat moet er gebeuren, waarom is een reparatie nodig en hoe kunnen ze die het beste aanpakken? Daarna begint het echte leren. In de praktijk, stap voor stap.
“Iedere student is anders. Ik probeer dingen zo goed mogelijk over te brengen en herhaal ze als dat nodig is. Zo deel ik mijn ervaring.”
Het doel is uiteindelijk dat iemand het steeds meer zelf kan. Noud kijkt mee, legt uit en helpt waar nodig, maar neemt het werk niet zomaar over. “Ik begeleid vooral met de gedachte dat jongens blijven, maar ook steeds zelfstandiger kunnen werken.”
Dat vraagt geduld én aandacht. Zeker omdat niet iedereen dezelfde achtergrond, ervaring of manier van leren heeft. Juist die verschillen maken het leermeesterschap soms uitdagend.
Een goede leermeester draagt volgens Noud niet alleen technische kennis over. Het gaat ook om aandacht hebben voor de persoon die naast je staat.
Eens per maand zit hij samen met de student en een collega om te bespreken hoe het gaat. Dan gaat het over het werk, maar net zo goed over wat er buiten het werk speelt.
“We vinden het belangrijk dat we transparant zijn naar elkaar. Onze deur staat altijd open.”
Ook tussendoor probeert Noud goed te kijken en te luisteren. Soms vertelt iemand niet direct dat er iets aan de hand is, maar merk je het wel aan hoe iemand erbij staat of reageert. Dan helpt het als er iemand is die dat ziet en de tijd neemt om te vragen hoe het gaat.
Die tijd is er in de praktijk niet altijd vanzelfsprekend. Machines moeten worden gerepareerd, de planning loopt door en een onverwachte storing kan ervoor zorgen dat de dag er ineens heel anders uitziet.
“Begeleiden kost tijd en dus ook capaciteit. Dat is soms lastig te combineren met een drukke agenda. Maar het geeft veel voldoening om samen doelen te behalen.”
Daar zit voor Noud een van de grootste uitdagingen van het leermeesterschap. Goed begeleiden vraagt aandacht, terwijl het werk ondertussen doorgaat. Toch probeert hij juist in die dagelijkse praktijk leermomenten te vinden. Want een vak leer je uiteindelijk vooral door het te doen.
Hij ziet wat die intensieve begeleiding oplevert. “Leerlingen die ik begeleid, zie ik over het algemeen snel stappen maken. Maar die begeleiding moet wel intensief blijven.”
Het leren gaat bovendien twee kanten op. Studenten en nieuwe collega’s houden Noud scherp. Door vragen te beantwoorden en uit te leggen waarom hij iets op een bepaalde manier doet, kijkt hij ook opnieuw naar zijn eigen werk.
Zelfs na tientallen jaren ervaring vindt hij het belangrijk om niet automatisch op routine te varen. Blijven nadenken, vragen stellen en samen oplossingen zoeken horen voor hem bij goed vakmanschap.
Dat vakmanschap ook in de toekomst behouden blijft, vraagt om een goede verbinding tussen bedrijven en het onderwijs. Voor Noud is die samenwerking dan ook vanzelfsprekend.
“Het is heel belangrijk om verbonden te zijn met het onderwijs, omdat praktische beroepen steeds belangrijker worden.”
Door studenten tijdens hun opleiding al kennis te laten maken met de praktijk, leren ze niet alleen de techniek. Ze ontdekken ook hoe het is om samen te werken, verantwoordelijkheid te nemen en onderdeel te zijn van een bedrijf.
Noud hoopt dat jonge vakmensen zich thuis voelen bij Heijmans, blijven leren en uiteindelijk hun eigen plek binnen de organisatie vinden. Wie er al wat langer rondloopt, kent de term die daarbij hoort: “Als je al jarenlang bij Heijmans werkt, dan spreek je van het gele hart.”
De voldoening zit voor Noud vaak in momenten die van buitenaf misschien heel gewoon lijken. Een machine die na een reparatie weer draait. Een lastige storing die samen is opgelost. Of een student die een klus waar eerst veel hulp bij nodig was, ineens zelfstandig uitvoert.
Dat zijn de momenten waarop het leermeesterschap zichtbaar wordt.
Want op de werf in Rosmalen worden niet alleen machines gerepareerd. Hier leren mensen van elkaar, wordt ervaring doorgegeven en krijgen nieuwe vakmensen de ruimte om te groeien.